Officiele publicatie

Vaststelling Verordening regelende de samenstelling en taak van de commissie ruimtelijke kwaliteit gemeente Steenbergen 2015”

De raad van de gemeente Steenbergen;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 21 junli 2015;

gelet op: artikel 147 en 149 van de Gemeentewet, artikel 8 van de Woningwet en artikel 15 van de Monumentenwet 1988;

besluit vast te stellen de volgende verordening;

“Verordening regelende de samenstelling en taak van de commissie ruimtelijke kwaliteit gemeente Steenbergen 2015”

Hoofdstuk 1. Algemeen

Artikel 1 Begripsbepalingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.
    commissie: de commissie ruimtelijke kwaliteit van de gemeente Steenbergen;
  • b.
    bevoegd gezag: het college van burgemeester en wethouders;
  • c.
    Monumentenwet: de Monumentenwet 1988;
  • d.
    Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
  • e.
    commissielid: persoon die is benoemd door het college van burgemeester en wethouders om zitting te nemen in de commissie ruimtelijke kwaliteit;
  • f.
    burgerlid: inwoner van de gemeente Steenbergen met kennis van de locale historie die bij de advisering over vergunningaanvragen of adviesvragen op het gebied van de monumentenzorg zitting kan nemen in de commissie als lid van die commissie.

Hoofdstuk 2. Commissie ruimtelijke kwaliteit

Artikel 2.1 Taken van de commissie

De commissie heeft tot taak het bevoegd gezag gevraagd en ongevraagd te adviseren over:

  • 1.
    Aanvragen om omgevingsvergunningen op grond van de Wabo (danwel opvolgende wetgeving) en de hieraan gekoppelde beeld en kwaliteitsplannen, voor zover deze van toepassing zijn.
  • 2.
    De uitvoering van de gemeentelijke erfgoed- en bouwverordening en Monumentenwet 1988 (danwel opvolgende wetgeving).
  • 3.
    Het plaatsen en afvoeren van monumenten als bedoeld in de Monumentenwet, als ook de gemeentelijke erfgoedverordening van respectievelijk de rijks- en/of gemeentelijke monumentenlijst.
  • 4.
    Alle overige zaken die aan redelijke eisen van welstand of erfgoed gerelateerd zijn.

Artikel 2.2 Samenstelling van de commissie

1.

De commissie bestaat uit ten minste twee commissieleden, niet zijnde burgerleden, waaronder een voorzitter. De commissie heeft, afhankelijk van de aanvraag, deskundigheid op het gebied van architectuur(historie), monumentenzorg, bouwhistorie, restauratie, ruimtelijke kwaliteit, stedenbouw, archeologie, landschapsinrichting dan wel cultuurhistorie.

2.

In aanvulling op artikel 2.2. lid 1, kan het college maximaal twee burgerleden benoemen die zitting kunnen nemen in de commissie bij de advisering over vergunningaanvragen of adviesvragen op het gebied van de monumentenzorg.

3.

Voor de commissieleden worden plaatsvervangers aangewezen, met uitzondering van de burgerleden.

4.

Eén individueel lid van de commissie kan deskundigheden op meerdere gebieden bezitten.

5.

De leden van de commissie zijn onafhankelijk van het gemeentebestuur.

Artikel 2.3 Benoeming en zittingsduur

De burgerleden, commissieleden en de voorzitter van de commissie worden benoemd en ontslagen door het college van burgemeester en wethouders. De commissieleden, burgerleden en de voorzitter worden voor een periode van maximaal drie jaar benoemd en kunnen daarna één keer herbenoemd worden voor periode van maximaal drie jaar.

Artikel 2.4 Werkwijze en termijn van advies

1.

De commissie baseert haar advies, voor wat betreft activiteit bouwen, op de in de welstandsnota genoemde welstandscriteria en, voor zover van toepassing, de hieraan gekoppelde beeld en kwaliteitsplannen.

2.

Bij het advies, voor een activiteit wat betreft het handelen met gevolg voor beschermde monumenten, laat de commissie zich uitsluitend leiden door overwegingen van geschiedkundig architectonisch-, cultuur-, of sociaal-historisch belang.

3.

Bij een meervoudige aanvraag om een omgevingsvergunning weegt de commissie alle belangen zorgvuldig af om tot een eenduidig advies te komen.

4.

Alle adviezen worden met voldoende redenen onderbouwd.

5.

De commissie adviseert over de aanvraag om een omgevingsvergunning uiterlijk binnen twee weken aan het bevoegd gezag.

6.

De behandeling van plannen voor een omgevingsvergunning op grond van de Wabo, onder verantwoordelijkheid van de commissie ruimtelijke kwaliteit, zijn openbaar. De agenda voor de vergadering van de commissie ruimtelijke kwaliteit wordt tijdig bekend gemaakt op de gemeentelijke website en naar de voorzitter van de commissie gestuurd.

7.

Indien het bevoegd gezag -al dan niet op verzoek van de aanvrager- een verzoek doet tot niet openbare behandeling, dan dient het bevoegd gezag daaraan klemmende redenen, op grond van artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, ten grondslag te leggen. De beoordeling geldt zowel voor de beraadslagingen, de beoordeling als de adviezen.

8.

Indien de aanvrager of initiatiefnemer hierom bij het indienen van een ontwerp heeft verzocht, wordt deze door of namens de commissie ruimtelijke kwaliteit in staat gesteld tot het geven van een toelichting op het ontwerp.

9.

In het geval dat het plan in de vergadering van de commissie wordt behandeld en een verzoek tot het geven van een toelichting is gedaan, dient de aanvrager van de omgevingsvergunning een uitnodiging te ontvangen voor de vergadering van de commissie, waarin de aanvraag wordt behandeld.

10.

Belanghebbenden, anders dan de aanvragers, hebben geen spreekrecht, tenzij het bevoegd gezag in een bijzonder geval aan die belanghebbende in toelichtende zin spreekrecht heeft toegekend.

Artikel 2.5 Onafhankelijkheid

1.

Leden van de gemeenteraad en college en medewerkers in dienst van de gemeente Steenbergen kunnen niet tot lid van de commissie worden benoemd.

2.

Aan de beraadslaging over en aan het uitbrengen van een advies mogen commissieleden niet deelnemen indien zij in enige hoedanigheid direct of indirect persoonlijk en/of zakelijk bij het ontwerp zijn betrokken. Dit geldt ook voor de burgerleden en de voorzitter.

3.

Een commissielid mag geen opdracht aanvaarden tot het aanpassen, verbeteren of anderszins wijzigen van een plan of tot het maken van een nieuw plan behorende bij een in de commissie behandelde of in behandeling zijnde ontwerp. Dit geldt ook voor de burgerleden en de voorzitter.

Artikel 2.6 Jaarlijkse verantwoording

De commissie ruimtelijke kwaliteit stelt jaarlijks voor de gemeenteraad een jaarverslag op, waarin ten minste het volgende aan de orde komt:

  • -
    Op welke wijze er toepassing is gegeven aan de welstandscriteria uit de welstandsnota en hoe deze activiteiten zijn getoetst;
  • -
    De werkwijze van de commissie ruimtelijke kwaliteit;
  • -
    Op welke wijze er uitwerking is gegeven aan de openbaarheid van vergaderen;
  • -
    De aard van de beoordeelde plannen;
  • -
    De bijzondere projecten.

De commissie ruimtelijke kwaliteit kan in haar jaarverslag aanbevelingen doen ten aanzien van het ruimtelijke kwaliteitsbeleid, het architectuur- en monumentenbeleid van de gemeente in het algemeen en de aanpassing van de gemeentelijke welstandsnota in het bijzonder.

Hoofdstuk 3. Slotbepalingen

Artikel 3.1 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt op 1 november 2015 in werking.

Artikel 3.2 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening regelende de samenstelling en taak van de commissie ruimtelijke kwaliteit gemeente Steenbergen 2015.

Steenbergen 24 september 2015,

De raad voornoemd,

de griffier de voorzitter

drs. E.P.M. van der Meer J.A.M. Vos