Officiele publicatie

VASTSTELLING Regeling maaltijdvergoeding bij avonddiensten en/of overwerk 2014

Burgemeester en wethouders van Steenbergen:

Overwegende, dat het wenselijk wordt geacht een regeling te hanteren voor het verstrekken c.q. vergoeden van een maaltijd aan ambtenaren ingeval het verrichten van avonddiensten, overwerk e.d.

Gelet op de verkregen instemming van de ondernemingsraad d.d. 19 juni 2014;

Mede gelet op artikel 125 van de Ambtenarenwet juncto de gemeentelijke CAR/UWO-regeling en artikel 29 van de Bezoldigingsregeling 2001 gemeente Steenbergen;

b e s l u i t e n :

  • I.
    hun besluit van 1 mei 2001, inzake de vaststelling van de “Regeling maaltijdvergoeding bij overwerk 2001” in te trekken;
  • II.
    vast te stellen de navolgende

Regeling maaltijdvergoeding bij avonddiensten en/of overwerk 2014 :

Artikel 1.

Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:

  • a.
    ambtenaar:
    de ambtenaar zoals bedoeld in artikel 1:1, lid 1, onder a, van de CAR/UWO-regeling gemeente Steenbergen 1997, alsmede de arbeidscontractanten in de zin van artikel 2:5 van voormelde CAR/UWO.
  • b.
    bevoegd gezag:
    het college van burgemeester en wethouders, danwel de functionaris die krachtens delegatie of mandaat bevoegd is namens burgemeester en wethouders te beslissen en/of te handelen;
  • c.
    directeur:
    de gemeentesecretaris tevens algemeen directeur;
  • d.
    maaltijd :
    een eenvoudige warme maaltijd, bestaande uit tenminste een hoofdschotel;
  • e.
    een maaltijd van gemeentewege:
    een maaltijd, al dan niet tegen betaling van gemeentewege verstrekt, of door bemiddeling van of vanwege het bevoegd gezag voor rekening van de gemeente verstrekt;
  • f.
    overwerk:
    hetgeen daaronder wordt verstaan in de CAR/UWO-regeling gemeente Steenbergen 1997.

Artikel 2

  • 1.
    Indien de dagelijkse werktijd van de ambtenaar als bedoeld in artikel 4:3 CAR/UWO op de dag waarop overwerk moet worden verricht, met ten minste twee overwerkuren wordt verlengd en het dienstbelang naar het oordeel van het bevoegd gezag dientengevolge niet toelaat, dat hij zijn maaltijd op de hiervoor bestemde tijd op de voor hem gebruikelijke plaats nuttigt, komt hij in aanmerking voor de in de leden 3 en 4 geregelde voorziening.
  • 2.
    Indien de ambtenaar als bedoeld in artikel 4:2 CAR/UWO vanwege krachtens dienstopdracht te verrichten werkzaamheden redelijkerwijs niet in staat wordt geacht tussen 17.00 en 20.00 uur zijn maaltijd op de voor hem gebruikelijke plaats te nuttigen, komt hij in aanmerking voor de in de leden 3 en 4 geregelde voorziening.
  • 3.
    Aan de ambtenaar wordt zo mogelijk een maaltijd van gemeentewege verstrekt, met dien verstande, dat indien hij hiervoor heeft moeten betalen, hem de gemaakte kosten worden vergoed tot ten hoogste het bedrag van de vergoeding berekend op de voet van het vierde lid, onder a.
  • 4.
    Indien een voorziening als bedoeld in het derde lid niet mogelijk is, ontvangt de ambtenaar:
    • a.
      die aantoonbaar een maaltijd in een daarvoor bestemde gelegenheid heeft genuttigd en betaald, een vergoeding gelijk aan de werkelijke gemaakte kosten tot ten hoogste een bedrag gelijk aan de vergoeding voor een avondmaaltijd bij dienstreizen (dinercomponent) ingevolge het Reisbesluit binnenland;
    • b.
      die niet aantoonbaar een maaltijd in een daarvoor bestemde gelegenheid heeft genuttigd en betaald een vergoeding gelijk aan het bedrag voor kleine uitgaven (dagcomponent) bij dienstreizen ingevolge het Reisbesluit binnenland.

Artikel 3

In gevallen waarbij sprake is van het nuttigen van een maaltijd in het bijzijn van bestuurders of externe derden is het in artikel 2 genoemde maximum vergoedingsbedrag niet van toepassing. De ambtenaar ontvangt ter zake dan een vergoeding van de naar het oordeel van het bevoegd gezag redelijk gemaakte kosten.

Artikel 4

1.

Het declareren van de maaltijdkosten geschiedt op een door het bevoegd gezag voorgeschreven wijze onder overlegging van de vereiste bewijsstukken.

2.

De aanspraak op een vergoeding vervalt, indien de betrokkene de declaratie niet indient binnen drie maanden na de maand waarop de declaratie betrekking heeft.

Artikel 5

Deze regeling is niet van toepassing indien en voorzover een andere regeling in vergoeding van maaltijdkosten voorziet.

Artikel 6

In gevallen waarin deze regeling niet, niet geheel of niet in redelijkheid voorziet, kan de directeur een nadere voorziening treffen.

Artikel 7

Deze regeling kan worden aangehaald als Regeling maaltijdvergoeding bij avonddiensten en/of overwerk 2014 en treedt in werking met ingang van 1 januari 2014.”

  • III.
    te bepalen dat dit besluit in werking treedt met ingang van de dag volgend op die van haar bekendmaking.

Steenbergen, 24 juni 2014

Burgemeester en wethouders voornoemd,

De loco-secretatis De Burgemeester,

R.A.J.M. Bogers J.A.M. Vos